Moeite met aankleden
Merkt u dat aankleden steeds meer tijd of energie kost? Misschien krijgt u knopen moeilijk dicht en lukt het aantrekken van sokken niet goed. Soms doet bewegen pijn bij het omkleden. Ook kan het zijn dat u vaker kiest voor kleding die makkelijk zit, omdat andere kleding te lastig is geworden. Aankleden lijkt een gewone handeling, maar er komt veel bij kijken. U moet kunnen bukken, reiken, draaien, evenwicht houden en kleine bewegingen maken met uw handen. Als dat minder goed lukt, kan aankleden frustrerend worden. Zeker als u graag zelfstandig wilt blijven en niet steeds hulp wilt vragen.

Wat merkt u?
Moeite met aankleden kan ongemerkt beginnen. Later merkt u misschien dat bepaalde kledingstukken aantrekken niet meer lukt of dat u er tegenop ziet om u om te kleden.
U kunt bijvoorbeeld merken dat:
- sokken of schoenen aantrekken lastig is;
- knopen, ritsen of veters moeilijk gaan;
- bukken of reiken pijn doet;
- u snel buiten adem raakt tijdens het aankleden;
- u uw evenwicht verliest bij staan op 1 been;
- u hulp nodig heeft bij kleding aantrekken of uittrekken;
- u kleding vermijdt die u eigenlijk graag draagt;
- aankleden veel energie kost aan het begin van de dag.
Soms heeft dit ook invloed op hoe u zich voelt. U kunt zich afhankelijk voelen of onzeker worden over uw lichaam. Dat is begrijpelijk. Aankleden is persoonlijk en het raakt direct aan uw zelfstandigheid.
Waardoor kan het komen?
Aankleden kan moeilijker worden door pijn, stijfheid, vermoeidheid of minder kracht. Ook problemen met evenwicht, benauwdheid of minder gevoel in handen en voeten kunnen meespelen.
Soms komt moeite met aankleden door klachten in schouders, rug, heupen, knieën, voeten of handen. Daardoor worden bewegingen zoals bukken, draaien of arm heffen lastiger. Ook na ziekte, een operatie of een periode van minder bewegen kan aankleden lastiger voelen.
De omgeving speelt ook mee. Een onhandige stoel, weinig ruimte, slechte verlichting of kleding die lastig sluit, kan het aankleden moeilijker maken dan nodig is.
Wat kunt u zelf doen?
Kleine aanpassingen kunnen veel verschil maken. Het helpt om aankleden niet te zien als iets wat snel moet, maar als een taak die u slim kunt indelen.
U kunt bijvoorbeeld:
- kleding klaarleggen voordat u begint;
- zittend aankleden als staan te veel energie kost;
- kiezen voor kleding met makkelijke sluitingen;
- schoenen gebruiken die stevig zijn en makkelijk aangaan;
- voldoende tijd nemen, zodat u niet hoeft te haasten;
- eerst de kant aankleden die het moeilijkst beweegt;
- hulpmiddelen gebruiken, zoals een lange schoenlepel of sokhulp;
- rust nemen als aankleden veel energie kost.
Let ook op uw veiligheid. Als u wiebelig staat tijdens het aankleden, is zittend aankleden vaak veiliger. Zeker bij sokken, broeken en schoenen.
Wanneer is hulp verstandig?
Hulp is verstandig als aankleden steeds meer moeite kost of als u merkt dat u bepaalde kleding niet meer draagt omdat het aantrekken niet lukt. Ook als u bang bent om te vallen of pijn heeft bij bewegen is hulp vragen verstandig. Ook als u liever zelfstandig blijft, is het goed om advies te vragen.
Wacht niet tot aankleden een dagelijks gevecht wordt. Vaak zijn er praktische oplossingen die het aankleden makkelijker maken. Soms gaat het om een hulpmiddel. Soms om een andere volgorde van aankleden. Een andere houding of een kleine aanpassing in de slaapkamer of badkamer kan ook helpen.
Hoe Rondom kan helpen
We kijken samen welke onderdelen van aankleden lastig zijn. Daarbij letten we op uw bewegingen, uw energie, uw veiligheid en de kleding die voor u belangrijk is.
Een ergotherapeut kan met u oefenen hoe aankleden makkelijker kan. Ook kan de ergotherapeut adviseren over hulpmiddelen, kledingkeuzes en een veilige manier van bewegen. Als pijn, kracht of balans een rol speelt, kan een fysiotherapeut helpen. Bij vermoeidheid of moeite met het verdelen van energie kan leefstijlgerichte begeleiding passend zijn.
We zoeken naar een manier die bij u past. Het doel is dat aankleden weer rustiger, veiliger en zelfstandiger gaat.